Geplaatst op

Verliefd op Deventer

Deventer

Je eerste blik op de stad kan niet beter. Oude stad, kerktoren, rivier en helderblauwe lucht – het perfecte ansichtkaartmotief. We kunnen de komende twee dagen vaker van dit zicht genieten, want het IJsselhotel trakteert ons zelfs vanuit ons bed op dit zicht. Maar we leren vrij snel dat de Hanzestad zoveel meer te bieden heeft dan alleen maar mooie uitzichten. Op onze ontdekkingstocht door de stad groeit mijn enthousiasme bij elke stap. Ik ben verliefd!

Historische stad

Deventer werd officieel gesticht in de 8e eeuw, maar in de eeuwen daarvoor hadden zich hier al Germaanse stammen gevestigd. Ook toen was de plaats aan de IJssel een belangrijk handelscentrum en dat bleef zo ​​tot in de 16e eeuw. Enkele handelsroutes kruisten hier en als lid van het Duitse Hanzeverbond beleefde de stad Deventer haar hoogtijdagen.

In Museum De Waag kun je veel leren over de geschiedenis van de stad, haar tijd in de Hanze en de periode die daarop volgde, toen er veel minder roem en fortuin was. Bep Spa, die ons door de tentoonstelling leidt, vertelt ons niet alleen enthousiast over het wel en wee van de stad, maar laat ons ook historische vondsten, handwerk en zelfs de fiets van koning Wilhelm III zien. De meer recente geschiedenis van Deventer is tot eind oktober gewijd aan de tentoonstelling “Deventer bezet & bevrijd” een verdieping lager. Ter gelegenheid van de 75ste verjaardag van de bevrijding na de Tweede Wereldoorlog wordt hier ingegaan op het leven tijdens de bezetting en de bevrijding door de Canadezen met persoonlijke verhalen, historische documenten en gebruiksvoorwerpen. Overigens is de bevrijding gefilmd in de bekende film “De Brug van Arnhem”, die velen van jullie waarschijnlijk wel kennen. Hij is niet in het nabijgelegen Arnhem opgenomen, maar hier in Deventer, zoals Bep ons vertelt.

Tijdens onze stadstour met een gids komen we er ook achter waarom. “Deventer was toen een arme stad, er was geen geld voor stadsvernieuwing en er waren nauwelijks moderne gebouwen”, legt de gids ons uit. Voor de stedelingen in 1977 was het meer een vloek, maar een zegen voor het filmen van een film over het einde van de oorlog. Ondertussen zijn de mensen in Deventer erg blij met het uitblijven van renovatie in die tijd. In plaats van door woonwijken met jaren 80-architectuur te lopen, slenteren we nu langs prachtig gerestaureerde oude stadsgevels.

Dappere stad

De gids laat ons de mooiste hoekjes van de stad zien, die we zonder hem in zo’n korte tijd nauwelijks hadden gevonden. De stad heeft genoeg monumenten. Imposante zoals De Waag, waar we net naar het museum zijn geweest, of de grote Lebuinuskerk, waarvan de toren het stadsbeeld bepaalt.

Maar ook veel kleine zoals de huizen in het berggebied, die 50 jaar geleden eigenlijk ruïnes waren. Enkelen hebben het potentieel van de oude gebouwen ingezien en hebben met succes tegen sloop gevochten. Een lef die nu wordt beloond met een prachtig gerestaureerde en populaire wijk. De stad toont ook lef in haar nieuwe gebouwen. Moderne architectuur staat pal naast het oudste stenen huis van Nederland. En ik vind de combinatie echt heel goed gelukt. Ik ben helemaal enthousiast over het nieuwe herenhuis. Een echt ensemble van gebouwen is gecentreerd rond een prachtige binnenplaats. Veel glas, veel licht en een gevel gemaakt van reliëfelementen die zijn gemaakt op basis van de vingerafdrukken van de stedelingen.

Kunst en design

Eind volgend jaar moet een nieuw project klaar zijn. Het voormalige gymnasium in Deventer wordt omgebouwd tot het “Europees Instituut voor Hedendaagse Kunst en Wetenschap”, kortweg EICAS. Tot die tijd kunt u in Deventer nog hedendaagse kunst bewonderen. Onder de naam EICAS Preview zien we in een soort pop-up museum werken van zero of zero art evenals enkele hedendaagse kunstenaars. Ik moet toegeven dat ik niet zo bekend ben met deze kunstvorm, maar ik vind de tentoonstelling erg interessant en spannend. Als we op de bovenste verdieping van EICAS uit het raam kijken, ontdekken we een enorme sculptuur in de tuin erachter. Deze is niet van het museum, maar van Café Betti van het ‘Hotel in het huis van Deventer’. Bezoekers van het museum kunnen hier koffie drinken en dat doen we nu ook.

Oké, we gaan geen koffie drinken. We hebben honger en bestellen een superlekker broodje van Andrea. Zij en Rob runnen al een aantal jaren het hotel, dat overigens is gehuisvest in de eerbiedwaardige Latijnse school. Waar Erasmus vroeger Latijn leerde, kun je tegenwoordig in een heel andere sfeer overnachten. Rob laat ons enkele kamers zien en ik kan je vertellen, als je op zoek bent naar iets speciaals om te overnachten, dan ben je hier aan het goede adres.

Er is in en rond de stad nog veel meer te beleven. Met de Kortingskaart van NapPas kan het ook een uitje worden waarin je eens een keer niet te veel hoeft te betalen voor dit uitje.